SCANDINAVIË 2026

In 2026 hebben we van 18 juni tot en met 7 augustus een reis gemaakt door Scandinavië. In eerste instantie was het de bedoeling om via Zweden naar Finland te gaan, maar onderweg besloten we, om naar Noorwegen te gaan. We bezochten de Vesterålen, en gingen daarna rustig slingerend zuidwaarts. 

In 51 dagen hebben we 37 etappes gereden. Daarbij hebben we 8052 km afgelegd.


verkenner

routekaart (globaal)
campings en camperplaatsen
tags

inleiding

FLINK OPGESCHOTEN
dag 01 donderdag 18 januari 2026
Tilburg – Bremerhaven 432 km


Na een vrij lange rit staan we op een camperplaats in Bremerhaven (Am Schaufenster).

We vertrekken vanochtend rond 10 uur en rijden via Den Bosch, Utrecht, Zwolle, Assen, Veendam en Leer naar Westerstede. Daar zijn we rond 14:15. Dat vinden we iets te vroeg om al te stoppen. Na een korte koffiepauze rijden we daarom verder, via allerlei binnenwegen, naar de B437, die ons bij de Elbetunnel brengt. Vanaf daar is het nog maar 20 km naar de camperplaats in Bremerhaven.

Er zijn in Bremerhaven 4 camperplaatsen. We kiezen voor “onze CP”, omdat deze dicht bij Am Schaufenster ligt. Dat is een plein aan de kop van de visserijhaven met allerlei restaurantjes en terrasjes, waar vanaf 4 juni elke donderdagavond met live-optredens de Bremerhavener Musiksommer wordt gevierd. Het is er gezellig druk.

HITTEPLAN
dag 02 vrijdag 19 juni 2026
Bremerhaven – Middelfart 351 km

Vorig jaar, bij onze Denemarken-reis, wilden we op de terugreis het stadje Friedrichstadt bezoeken. Dat ging toen niet door i.v.m. het slechte weer. Dit bezoek staat voor vandaag op de planning. Ook daarom zijn we gisteren in Westerstede doorgereden naar Bremerhaven, zodat we vandaag al vroeg in de middag in Friedrichstadt kunnen zijn.

De weersomstandigheden hebben vandaag echter andere plannen. De gevoelstemperatuur is ook in Noord-Duitsland nogal aan de hoge kant. Te hoog in ieder geval, om rustig door een stadje te fietsen/wandelen. We besluiten dan ook, om Friedrichstadt op de terugweg te bezoeken en vandaag met de airco op volle kracht een eind door te rijden.

We vertrekken rond 10 uur uit Bremerhaven en zijn na een klein uurtje in Wischhafen, waar we aansluiten in de rij met wachtenden voor de veerdienst naar Glückstadt. De wachttijd is vrij kort. We kunnen al met de tweede veerboot mee naar de overkant.

We rijden verder over de B5 (Brunsbüttel, Heide, we zwaaien naar Friedrichstadt, Husum, Niebül) naar Tonder in Denemarken. Daar slaan we af, richting Kolding. Bij Kolding nemen we de E45/E20 richting Odense. Vlak voor de Lillebæltbrug nemen we de afslag naar de oude brug over de Lillebælt. Direct achter die brug, bij Middelfart, ligt de camping waar we nu staan.

AAN DE ØRESUND
dag 03 zaterdag 20 juni 2026
Middelfart – Køge 176 km

Volgens plan komen we vandaag aan in Køge, een stadje aan de Øresund (wij noemen dat water tussen Denemarken en Zweden ook wel de Sont). Omdat we gisteren verder hebben gereden dan gepland, is het een korte rit met een simpele route. Over Funen en Sjælland loopt immers maar één autosnelweg van west naar oost, en die moet je wel nemen als je over de Storebæltbrug wil rijden. We zijn al voor lunchtijd op de camping van Køge, en brengen de middag vooral luierend door. 

Køge staat op het programma, omdat het (volgens meerdere bronnen) een heel mooi historisch centrum heeft. Tijdens onze Denemarken-reis van 2025 hebben we Køge overgeslagen, omdat we er geen parkeerplaats voor de buzz konden vinden. 

We krijgen vandaag de eerste taalles van deze reis. In Scandinavië worden nogal wat letters ingeslikt. Dat geldt zeker voor het Deens, alhoewel de Denen dit liever “opeten” noemen. Na enige oefening lukt het ons om Køge uit te spreken als Keuj. 

We zijn benieuwd, hoe de avond zal verlopen. We zijn “omsingeld” door Zweedse campers, en vanavond speelt het Nederlands voetbalelftal tegen Zweden. We zijn dus zwaar in de minderheid.

FIETSEN DOOR KØGE
dag 04 zondag 21 juni 2026
Køge

Vanochtend is er nog maar één Zweedse camper te bespeuren; ze knikken vriendelijk naar ons, maar behouden de nodige afstand. Dat is merkwaardig, want voorafgaand aan de wedstrijd was juist deze mevrouw heel fanatiek bezig over het voetbal. Het was Zlatan voor en na, tot ik haar vertelde dat die al weer enige tijd gestopt is. Dat moest zij even wegslikken, maar het fanatisme kwam snel terug toen ik vertelde dat Isak, een van de huidige spitsen van Zweden, voor Willem II voetbalde voordat hij naar Liverpool vertrok. Van al dat fanatisme is vanochtend niets meer te bespeuren.

Vandaag is een rustdag. We hebben immers drie reisdagen gehad. In de loop van de middag fietsen we naar het centrum van Køge. 

Volgens de gids van de Margriet-route (onze 2025-reis) heeft Køge een heel mooi historisch centrum. Nou, dat is wel een tikkeltje overdreven. Køge heeft best wel een aardig centrum maar niet meer dan dat. Het kan bijvoorbeeld niet tippen aan Ribe, en ook niet aan Tønder. 

Dé attractie van Køge is de haven met een gezellige rij terrasjes. Hier ervaren we weer het fiscale verschil tussen Denemarken (Scandinavië) en Nederland: in Nederland betaal je meer loonbelasting en in Denemarken meer omzetbelasting. De Deen betaalt dus vooral belasting als hij het geld uitgeeft, terwijl de Nederlander vooral belasting betaalt als hij het geld verdient. Een Nederlander in Denemarken trekt dus twee keer aan het kortste fiscale eind (maar dat wisten we al voor we vertrokken, dus je hoort ons niet klagen).

Morgen steken we de Øresund over en rijden we Zweden binnen.

EERSTE DAG ZWEDEN
dag 05 maandag 22 juni 2026
Køge – Bexet 282 km

We vertrekken vanochtend tegen 10 uur en rijden over de autosnelweg naar de Øresundbrug. Aan de Zweedse kant rijden we nog even verder over de snelweg, tot aan de afslag Lomma. Daar beginnen we aan een toeristisch “binnendoor-traject”. We kunnen ook in 2 dagen “doorscheuren over de E6 naar Oslo, maar we doen het liever in 3 dagen over binnenwegen. Vandaag: weg 103, weg 108 tot aan Bälinge, weg 24 tot iets voorbij Örkeljunga, vandaar binnendoor via Knäred en Lidhult naar Bexet, alwaar we na een rit van 282 km een hele mooie plaats vinden op de plaatselijke camping.

TWEEDE DAG ZWEDEN
dag 06 dinsdag 23 juni 2026
Bexet – Högsäter 268 km

Na 268 km staan we op een mooie camping in de buurt van Högsäter.

We zijn heel tevreden met het weer. Gisterenavond koelde het af tot 14°C. We hebben  vannacht heerlijk onder het dekbed geslapen. Vandaag is het maximaal 23°C, dus onderweg geen centje pijn. De voorspelling voor de komende dagen is ook veel milder dan in Nederland. De gevoelstemperatuur wordt hier maximaal 28°C. We prijzen ons dus gelukkig, dat we naar Scandinavië zijn gegaan.

Over de reis van vandaag kunnen we kort zijn. We zien veel bomen, regelmatig een meertje, en af en toe een falun-rode boerderij met blonde koeien. Het landschap is dus niet zo opwindend. 

Onze tweede binnendoorse dag voert langs Borås en Trollhättan, achtereenvolgens over weg 26, weg 27, weg 40, weg 42, E45, weg 173.

Morgen rijden we Noorwegen binnen.

WE ZIJN IN NOORWEGEN
dag 07 woensdag 24 juni 2026
Högsäter – Oslo 253 km

We staan op een camping aan de noordrand van Oslo. 

Tegen vieren tikt de thermometer heel even een temperatuur van 26°C aan. Dat is het dagmaximum. Over het weer hoor je ons dus niet klagen. 

Je hoort ons wél klagen over de tarieven van de camping. Voor een simpele plaats betalen we €97,50 per dag. Er is echter geen acceptabel alternatief beschikbaar. We doen het er dus maar mee.

De route is, zoals voorgenomen, uitsluitend binnendoor. We rijden over Halden, Mysen, Lillestrøm en Gjelleråsen naar Oslo (wegen 172, 166, 884, 220, 22, 4, 161, 168). Het verschil tussen Zweden en Noorwegen is direct duidelijk: de Zweedse wegen zijn min of meer vlak en recht, met bomen links en rechts, en vaak lupine in de berm. In Noorwegen gaat het bijna voortdurend omhoog en omlaag, en volgen de bochten elkaar in een snel tempo op. Er zijn ook beduidend minder bomen. Er is vrij veel land in cultuur gebracht. Je ziet dus regelmatig boerderijen.

We blijven tot zaterdag in Oslo. Morgen houden we een rustdag en vrijdag gaan we Oslo bezoeken.

RUSTDAG
dag 08 donderdag 25 juni 2026
Oslo

OP DE FIETS NAAR OSLO
dag 09 vrijdag 26 juni 2026
Oslo

Om met het weer te beginnen: het is hier vandaag met 23°C flink wat koeler dan thuis.

We fietsen vandaag naar het centrum van Oslo. De fietsvoorzieningen zijn, op een uitzondering na, niet geweldig. De “weg” zit vol kuilen. Het fietspad of de fietsstrook houdt plotseling op, waarbij niet duidelijk is, hoe je verder moet (we leren al snel van Noorse fietsers, dat je in zo’n geval ook gewoon op het trottoir kunt gaan rijden).

We fietsen eerst naar het Vigelandpark. We zien er heel veel toeristen en heel veel beelden van naakte mensen in de meest merkwaardige houdingen. Dat is zeker het geval bij de Monolitten, het centrale werk met de mensenzuil. Je moet goed je best doen om een foto te produceren zonder een toerist erop die een selfie maakt.

Van het Vigelandpark willen we via de wijk Majorstuen naar het Koninklijk Paleis, maar dat gebied is absoluut niet fietsvriendelijk. We draaien dus om en rijden met een flinke omweg, door de rustige en statige wijk Uranienborg, naar het Paleis. De paleistuinen zijn geopend, en je mag er gewoon fietsen. We zien er nog net het laatste deel van de wisseling van de wacht. Opvallend: het grootste deel van de wacht bestaat uit vrouwelijke soldaten.

We rijden nog wat verder het centrum van Oslo in, en komen uiteindelijk bij het Stortinget, de zetel van het Noorse Parlement. Vlakbij is de Karl Johansgata, zo te zien een populaire uitgaansplek, want er zijn heel veel restaurants en terrasjes. We zijn echter gewaarschuwd, door onze Friese achterburen: ga je daar iets eten, dan ben je met gemak €100 per persoon kwijt. 

Als we terugrijden naar de camping wordt duidelijk dat Oslo veel hoogteverschillen kent. We moeten hard werken, ook met de maximale ondersteuning, om de klimmetjes naar de camping te volbrengen.

Morgen rijden we verder.

EEN STUKJE NAAR HET NOORDEN
dag 10 zaterdag 27 juni 2026
Oslo – Rena 233 km

Na drie overnachtingen in Oslo rijden we weer verder. Allereerst zoeken we de E6 op. Die volgen we in noordelijke richting tot aan de E16. Die weg rijden we in oostwaartse richting tot aan Kongsvinger. Daar nemen we de “2”, die weer noordwaarts gaat. We rijden nu door het dal van de Glomma. Dat doen we de rest van de dag, tot we in Rena zijn, zo’n 35 km voorbij Elverum. We staan daar op de plaatselijke camping.

We kiezen voor deze route dicht langs de Noors-Zweedse grens, omdat we nog nooit in dit deel van Noorwegen zijn geweest. Het alternatief was, om via de E6 naar het noorden te rijden, maar die weg kennen we zo langzamerhand van buiten. 

De gevolgde weg lijkt aanvankelijk veel op de recente Zweedse wegen, incl. lupine in de berm, maar in de buurt van Rena wordt het Glomma-dal een stuk smaller en de heuvels aan weerszijde een stuk hoger. Dat maakt het beeld weer wat Noorser.

Het is vandaag iets warmer dan gisteren, maar we denken dat we met een gevoelstemperatuur van 27°C niet mogen mopperen. We zitten op een camping in Rena, lekker voor de buzz in de schaduw van een rij bomen. Vanaf het water waait een prettig briesje. Dat zorgt er  voor, dat we weinig last hebben van muggen.

Het zou zo maar kunnen, dat het tijdens deze reis de laatste overnachting in Noorwegen is. Volgen het plan rijden we morgen namelijk weer Zweden in. De ervaring leert echter, dat plannen er ook zijn om van af te wijken. 

WEER IN ZWEDEN
dag 11 zondag 28 juni 2026
Rena – Funäsdalen 296 km

Als we vanochtend rond 10 uur vertrekken uit Rena, schijnt de zon volop en is het 24°C. In de loop van de dag komen er soms wat wolkenvelden. Daardoor daalt de temperatuur. Onderweg moet een enkele keer de ruitenwisser aan voor wat verdwaalde regendruppels. Nu zitten we met 21° in een aangenaam avondzonnetje. We beoordelen het weer van vandaag met “prima”.

We houden ons vandaag aan ons “plan de campagne”: we zijn weer in Zweden.

De reis van vandaag, met 296 km relatief lang, gaat voor een heel groot deel door het dal van de Glomma. Weg “3” kan zonder meer concurreren met de E6, want het Glomma-dal is vooral heel mooi (zie de foto).

Bij Tynset verlaten we de “3” en gaan verder over de “30” richting Røros. Dat is een oud mijnwerkersstadje. Het is ook een Unesco-erfgoed, want het is een van de weinige Noorse stadjes die nooit zijn afgebrand (vrijwel alle oudere gebouwen in Noorwegen zijn/waren van hout). We waren er al eens, in 2017. Toen hebben we het stadje uitvoerig verkend (zie dag 28: Rendieren en mijnwerkers). Nu beperken we ons tot een rondje met de buzz door een paar smalle straatjes, zodat ons geheugen weer wordt opgefrist. 

We rijden verder naar de Noors-Zweedse grens, alweer door een mooi landschap. We plaatsen er een foto van (in de verte liggen nog wat sneeuwslierten op de helling), en voegen er een quizvraag aan toe: is deze foto gemaakt in Noorwegen of in Zweden. 

Vlak voor onze eindbestemming, een camping in Funäsdalen, ontmoeten we nog vier vreemde Zweedse tegenliggers.

WAT EEN VERSCHIL
dag 12 maandag 29 juni 2026
Funäsdalen – Östersund 210 km

Laten we beginnen met de quiz-vraag: Noorwegen of Zweden? De Noorse middenstreep is geel (zie de foto van het Glomma-dal in Noorwegen) en de Zweedse middenstreep is wit (zie de foto van de vreemde Zweedse tegenliggers). De foto is dus gemaakt in Noorwegen (vlak voor de grens met Zweden).

De titel van het verslag betreft zowel het weer als de camping in Östersund. Vandaag regent het vrij vaak. Momenteel schijnt er een waterig avondzonnetje, maar er komen ook weer donkere wolken aan. Voor het eerst tijdens deze reis is het zó fris buiten (15° nu), dat we de schuifdeur van de bus dicht doen.

De camping in Östersund staat tjokkie-vol. Er is een voetbaltoernooi in de stad, en dat trekt blijkbaar heel veel mensen. Toen wij hier in 2022 stonden, was de camping nagenoeg leeg. De foto’s spreken voor zich.

De route van vandaag (“84”, “135”, “136”, “E45”) is afwisselend saai en boeiend. Saai door de overmaat aan naaldbomen aan beide zijden, boeiend door het ruime landschap met flinke heuvels, vaak met ski-pistes.

Morgen houden we hier een rustdag. We gebruiken die dag ook, om een knoop door te hakken: rijden we door naar de oostkust (Höga  Kusten) om vervolgens weer landinwaarts te gaan voor de Wildernisroute (Gäddede – Vilhelmina) of blijven we in het binnenland en rijden we direct naar de Wildernisroute?

RUSTDAG
dag 13 dinsdag 30 juni 2026
Östersund

Vandaag is een rustdag. We ondernemen dus helemaal niets. We hakken wél een knoop door: we gaan niet naar de Westkust, want de Höga Kusten is niet zo geschikt voor fietsers; het is vooral een wandel- en kanogebied.

VIA NOORWEGEN NAAR DE ZWEEDSE WILDERNIS
dag 14 woensdag 1 juli 2026
Östersund – Gäddede 227 km

Na een nacht met behoorlijk wat regen, vertrekken we rond 10 uur richting Gäddede. In 2022 reden we van Gäddede naar Östersund via Strömsund (“342” en “E45”). We hebben geen zin om nu in omgekeerde richting over deze route te rijden. Daarom kiezen we voor een alternatief: “E14”, “340” tot de grens, “765”, “74” tot de grens, klein stukje “342”. We rijden dus een stukje (80 km) door Noorwegen.

De route is soms wat saai met al die bomen, maar vrij vaak komen we langs mooie meren en rijden we langs riviertjes. Het landschap is, zeker in het Noorse deel, regelmatig behoorlijk geaccidenteerd. We hebben er mooie panorama’s. 

Helaas zijn op de camping in Gäddede alle plaatsen aan het water al bezet, maar ook op de derde rang hebben we een prima plek.

VIER JAAR LATER
dag 15 donderdag 2 juli 2026
Gäddede – Saxnäs 155 km

Toen wij in 2022 de Wildernis-route reden, was het weer nogal slecht. Nú, vier jaar later, hebben we prima weer. Het is half-bewolkt, maar de perioden met zon zijn dominant.

We rijden vandaag van Gäddede naar Saxnäs, 141 km over het boeiendste deel van de Wildernis-route. Het eerste stuk is nog tussen de bomen, maar eenmaal op het Stikkenjokk-plateau (met 867 meter + is het de hoogste verharde weg van Zweden) rijden we door een boomvrij landschap dat er best wel ruw uitziet, maar niet echt doet denken aan een wildernis. Het heeft wel wat weg van de Hardangervida in Noorwegen.

In het eerste deel van de rit zijn we niet afgeslagen naar Ankarede, een belangrijke plaats voor de Sami, de oorspronkelijke bewoners van dit gebied. Die plaats hebben we in 2022 al bezocht. We slaan nu, tijdens de afdaling naar Saxnäs, af naar Fatmomakke, ook zo’n belangrijke plaats voor de Sami. Ze begraven er hun doden. Elke Samen-familie die ooit voor Fatmomakke koos, heeft er een houten tipi-vormige hut, waarin ze verblijven tijdens begrafenissen en belangrijke religieuze feestdagen. De laatste tijd worden de Sami-hutten echter vervangen door stuga’s (blokhutten).

Een kleine 20 km verder houden we het voor vandaag voor gezien en installeren we ons op de camping in Saxnäs.

DIT IS PAS WILDERNIS
dag 16 vrijdag 3 juli 2026
Saxnäs – Sorsele 226 km

We voeren vanochtend eerst oorlog met nogal wat knutjes die zich hebben verzameld tegen het plafond van de bus. Met een prop vochtig keukenpapier zijn we hen uiteindelijk de baas. Het verbaast ons, dat er zo veel van die knutjes in de bus zaten. We gebruiken sinds een paar dagen immers een anti-mug stekker, en die was destijds, in het waterrijke gebied rond Moordrecht, heel erg effectief. Volgens wikipedia zijn knutjes echter nauwelijks gevoelig voor smeersels en oliën. Dat zijn ze gelukkig wél voor een flinke natte prop papier.

Volgens gewoonte vertrekken we vanochtend rond 10:00 uur van de camping in Saxnäs. We rijden eerst nog een stukje van de Wildernis-route richting Vilhelmina. We stoppen even bij de Trappstegforsen, wat wij op gevoel vertalen tot Trapjeswaterval (zie ook het filmpje).

Bij Stalon slaan we linksaf naar Dikanäs. Dat is, volgens TomTom én volgens GoogleMaps, een logische route naar Sorsele, onze volgende etappeplaats. We hadden ook door kunnen rijden naar Vilhelmina, om daar de E45 naar Sorsele te nemen, maar die route hebben we al in 2022 gereden. We nemen daarom het advies van TomTom en Google Maps over. 

Tot Dikanäs rijden we over een prima weg door een typisch Noord-Zweeds landschap: veel bomen, veel meertjes, veel omhoog en omlaag, veel geslinger. Bij Dikanäs raken we even in verwarring. Volgens de navi moeten we linksaf en is het nog 101 km naar Sorsele, volgens de wegwijzers is het nog maar 70 km naar Storsele en moeten we rechtsaf. Hoe kan dat nou? Het duurt even, voor we doorhebben dat Sorsele en Storsele twee verschillende plaatsen zijn. De “t” van Storsele is ons aanvankelijk niet opgevallen. We volgen dus de navi en slaan linksaf. 

Net na Dikanäs komen we terecht op een smalle grindweg, veel te smal bij evt. tegenliggers. Dat lijkt ons niet zo’n goed idee. We herinneren ons, dat de weg naar Storsele ook naar Storuman leidt. Die plaats ligt aan de E45, tussen Vilhelmina en Sorsele. Laten we die route dan maar nemen. Het is wel een stuk om, maar de weg is tenminste goed.

Na zo’n drie kilometer op de “Storuman-weg” gaat het asfalt ineens over in grind. We besluiten om toch maar door te rijden. Deze grindweg is immers een stuk breder, wat wel handig is bij tegenliggers. We rammelen zo’n 48 km verder “door de wildernis” (zie ook het filmpje) tot we weer op asfalt rijden. Vandaar naar de E45 en via Storuman naar de camping in Sorsele is verder een fluitje van een cent.

MET PLAN B OVER DE POOLCIRKEL NAAR NOORWEGEN
dag 17 zaterdag 4 juli 2026
Sorsele – Rognan 291 km

Het plan is rigoureus aangepast. Waarom? In het binnenland van Noord-Zweden is het aantal muggen ongekend hoog. Vooral Ted heeft inmiddels de nodige muggenbulten gescoord en heel veel kleine knuttenbulten, vooral op het hoofd (hij kwam gisterenochtend, toen hij de stroom wilde afkoppelen, onverwacht in een zwerm van die kleine steekvliegen terecht). 

We horen, dat het in Finland momenteel minstens zo erg is, niet alleen in het oosten, maar ook aan de westkust. We volgen een camperaar (ons campertje) die ergens aan de westkust zó veel muggenbeten heeft opgelopen, dat hij medische hulp nodig had. Kortom, voor een reis door Finland is het nu eigenlijk niet de juiste tijd. Als we een volgende keer naar dat land willen, dan moeten we twee maanden eerder of twee maanden later gaan. 

We besluiten, om de Noorse kust op te zoeken. Daar is de muggendichtheid een stuk lager. Het waait er meer, en er is bijna geen stilstaand water. We rijden daarom vanochtend nog een klein stukje verder op de E45, richting Slagnäs. Onderweg komen we een flinke groep rendieren tegen, die besluit om gewoon maar midden op de weg te blijven staan. De chauffeur van de Poolse vrachtwagen voor ons probeert de rendieren voorzichtig met zijn bumper weg te duwen, maar dat heeft geen effect. Pas als de leider van de groep besluit, dat het tijd wordt om verder te gaan, verdwijnt de groep in de struiken aan de linkerkant van de weg.

Bij Slagnäs slaan we linksaf, richting Arjeplog. 

Bij die plaats nemen we de “95” richting Noorwegen. Onderweg passeren we de Poolcirkel, waar we een koffiepauze houden.

Eenmaal over de grens, we rijden nu over de “77”, verandert het landschap drastisch. Er verschijnen besneeuwde bergtoppen en we rijden door een tunnel van ruim 3 km lang. Aan het einde van die tunnel komen we op de E6, de belangrijkste noord-zuid-route van dit deel van Noorwegen. Zo’n 30 km verder stoppen we op de camping van Rognan. We hebben hier een fraai uitzicht op het fjord.

Waarschijnlijk houden we hier morgen een rustdag, niet alleen, omdat we al weer 4 dagen hebben gereden, maar ook, om plan B verder uit te werken.

RUSTDAG
dag 18 zondag 5 juli 2026
Rognan

We buigen ons over het vervolg van de reis. Het is definitief: Finland doen we een andere keer, maar dan eerder of later in het jaar.

Plan B is nog niet helemaal uitgewerkt. Alleen het eerste deel is bekend: via Narvik naar de Vesterålen (daar waren we nog nooit), daarna naar de Lofoten (daar waren we al eens in 2017, maar ook daar zijn nog “vergeten snippers”), met de boot van Moskenes naar Bodø. Wat daarna volgt, dat zien we nog wel.

VERDER NOORDWAARTS
dag 19 maandag 6 juli 2026
Rognan – Innhavet 243 km

Het is hier momenteel behoorlijk fris. Gisterenavond daalde de temperatuur tot 7°C, reden voor ons om het elektrische kacheltje tevoorschijn te halen.

We vertrekken vanochtend rond 10:30. De E6 is tussen Rognan en Fauske gestremd. In plaats van de normale afstand van 27 km moeten we nu omrijden via Saltstraumen, een route van 122 km, over relatief smalle wegen. Je ontmoet onderweg al het verkeer dat anders op de E6 zou rijden, dus ook vrachtwagens en de gebruikelijke brede Noorse caravans. Al met al is het een enerverende rit door een mooi landschap.

Van Fauske rijden we nog zo’n  120 km over de E6. We stoppen op een camperplaats in Innhavet, mooi gelegen aan een fjord.

AL OP DE VESTERÅLEN
dag 20 dinsdag 7 juli 2026
Innhavet – Harstad 243 km

Door een toeval zijn we al op de Vesterålen.  

Geheel volgens plan rijden we vanuit Innhavet over de E6 noordwaarts. Het is onze bedoeling om niet alweer de veerboot van Bognes naar Skarberget te nemen. In plaats daarvan kiezen we voor de veerboot van Drag naar Kjøpsnes. Dat is door wegwerkzaamheden echter niet mogelijk, dus gaan we toch maar van Bognes naar Skarberget.

We rijden vervolgens door Narvik en over de Hålogalandsbrug, de nieuwe brug bij Narvik, die bij onze passage in 2018 nog in aanbouw was. We leggen vervolgens aan bij de Shell in Bjerkvik voor een cappuccino, zoals we acht jaar geleden ook deden, en rijden over de E10 verder. We stoppen nog even bij een herdenkingsplaats voor de Slag bij Narvik.

We willen de etappe eindigen bij een camperplaats in Evenes, nog op het vasteland. Die camperplaats is echter met twee groepsreizen al volgeboekt. De eigenares verwijst ons naar een andere camperplaats in de buurt, bij de jachthaven van Evenes. De plaatsen zijn daar echter bijzonder scheef. Daarom rijden we verder naar Harstad. Die stad ligt op het eiland Hinnøya, en dat is één van de Vesterålen. We staan er op een mooie camperplaats aan de haven.

EEN EILAND VERDER
dag 21 woensdag 8 juli 2026
Harstad – Bleik 222 km

De ochtend begint goed: om 7 uur ligt er een boot van de Hurtigruten in de haven. Het is de noordwaartse boot, die gaat helemaal naar Kirkenes. Rond 7:20 neemt hij met een luide toeter afscheid, om plaats te maken voor een zuidwaartse boot, die naar Bergen gaat. Weer 20 minuten later vertrekt deze ook, waarmee de kade vrij komt voor de volgende gast: een vrij groot cruiseschip, dat buiten de haven moet draaien om daarna achterwaarts de haven binnen te varen. Een en al bedrijvigheid vlak voor onze neus dus.

Tegen 10 uur vertrekken we uit Harstad. De bestemming is Bleik, een klein stukje ten zuiden van Andenes op het eiland Andøya. TomTom probeert ons met alle geweld binnendoor te sturen, over de “83” naar de veerboot van Refsnes naar Flesnes. Wij rijden echter liever naar het zuiden om daar de E10 te nemen. Bij Gullesfjord slaan we rechtsaf, de “85” op, richting Sortland en Andenes. Ter hoogte van Sortland nemen we de “82”. Bij Risøyhamn rijden we met een heel hoge brug Andøya op. We zitten er aan de oostkust. Een klein stukje verder nemen we de “974”, die naar de westkust van het eiland gaat. Die kust is veel indrukwekkender, ook al is de westelijke kustweg erg hobbelig.

Na heel veel hobbels komen we bij de camping in Bleik, waar we een fraaie plaats vinden achter een laag duintje aan de Noorse Zee, met een prachtig uitzicht in alle richtingen. Morgen houden we hier een rustdag.

RUSTDAG
dag 22 donderdag 9 juli 2026
Bleik

NA DE VESTERÅLEN KOMEN DE LOFOTEN
dag 23 vrijdag 10 juli
Bleik – Kabelvåg 198 km

De rustdag van gisteren was een echte rustdag. We hadden in Andenes met walvissafari kunnen gaan, maar de prijs daarvoor is belachelijk hoog: €150 p.p..

Vandaag rijden we de hele “82”, van Andenes tot Fiskebøl (volgens sommige bronnen hoort ook de veerdienst tussen Andenes en Gryllefjord tot de “82”; als dat klopt, dan hebben we dus niet de hele “82” gedaan).

We rijden vandaag over alle grotere eilanden van de Vesterålen: Andøya, Hinnøya, Langøya en Hadseløya (øya is  Noors voor eiland, maar dat was waarschijnlijk al duidelijk).

We rijden eerst naar de veerstoep in Andenes. Het maakt een verlaten indruk. Dat is niet alleen, omdat er bij de veerstoep geen kip te bekennen is (de boot vaart maar 3 keer per dag), maar ook, omdat verschillende huizen in het centrum, zo te zien aan het weelderig tierende onkruid, niet bewoond zijn. De supermarkt en de slijterij in het centrum zijn definitief gesloten. De buitenwijk is daarentegen springlevend. De twee supermarkten daar en het tuincentrum worden druk bezocht.

We rijden aan de oostkant van Andøya naar het zuiden. Het is er minder indrukwekkend dan aan de westkant. Bij Risøyhamn verlaren we het eiland. We zijn weer op Hinnøya. 

Bij Sortland steken we met een brug over naar Langøya. We blijven de weg volgen tot we bij Stokmarknes naar het volgende eiland oversteken: Hadseløya. Daarbij rijden we over een bijzondere brug: hoog en met een flinke bocht (kijk ook eens naar deze brug in Google Maps).

Bij Stokmarknes rijden we langs het Hurtigrute-museum, een merkwaardig museum, want het is gebouwd rondom een van de eerste schepen van de Hurtigruten.

De “82” steekt het eiland over naar Melbu, waar we de veerboot nemen naar Fiskebøl op de Lofoten. Tijdens de overtocht begint het te miezeren.

Eenmaal op de Lofoten nemen we de E10 richting Svolvær en Kabelvåg. Iets voorbij Kabelvåg stoppen we bij de camping waar we in 2017 ook hebben gestaan. Het miezeren heeft inmiddels plaatsgemaakt voor regenbuien.

Morgen blijven we in Kabelvåg. 

HERINNERINGEN
dag 24 zaterdag 11 juli 2026
Kabelvåg

We schudden wat herinneringen wakker. Net als in 2017 drinken we koffie in de Brygga, en bezoeken we de Lofotenkathedraal.

De koffie in de Brygga is, net als negen jaar geleden, eenvoudig maar smakelijk (geen cappuccino). De kathedraal is op de commerciële tour gegaan. We moeten er flink wat entree betalen. Dat vindt “de beminde gelovige” van 2017 (zie het reisverslag van 2017) niet zo’n goed idee. We fietsen daarom maar weer terug naar de camping.

WEER OP HET VASTELAND
dag 25 zondag 12 juli 2026
Kabelvåg – Bodø 132 km (excl. overvaart)

Het plan voor vandaag is, om rustig naar het puntje van de Lofoten te rijden, hier en daar een kijkje nemend, om daarna de camping in Moskenes op te zoeken. Het is echter heel erg druk in dit deel van de Lofoten. Je komt met de bus domweg geen enkele parkeerplaats op, niet bij Henningsvær, niet bij Nusfjord, niet bij Reine en niet bij Å i Lofoten. We nemen i.v.m. de drukte maar niet meer de moeite om te gaan kijken in Eggum, waar we in 2017 een schitterende overnachting hadden aan de kust.

We verlaten twee keer de E10. Op Vestvagøya nemen we de kustweg “815”. Deze reden we in 2017 ook, maar dan in de stromende regen. Deze keer is het weliswaar stevig bewolkt, maar het is droog. We rijden door een vrij leeg gebied. We ontmoeten onderweg meer schapen dan motorvoertuigen.

We verlaten de E10 nog een keer in de buurt van Fredvang. De weg naar Fredvang is markant te noemen door de twee bruggen die je vlak na elkaar over moet. 

Het is dan wel erg druk op de Lofoten, het landschap wordt er niet minder fraai op. De toppen zijn hier nog erg spits, zeker aan de kust. De E10 is zeer gevarieerd: soms breed en vlak, dan weer smal en hobbelig. Ook de tunnels vertonen een soortgelijke variatie. Zo is de Nappstraumentunnel behoorlijk smal, met heel veel gaten in het asfalt. 

We rijden tegen 14:00 Moskenes binnen. De aanlegplaats voor de veerboot naar Bodø is pal tegenover de camping. We kunnen dus ook meteen oversteken, want nog langer op de Lofoten blijven met die grote drukte, is niet zo aantrekkelijk. De wachtrij voor de eerstvolgende boot, die van 15:30, is nog vrij kort, dus we sluiten aan.

Rond 15:00 kunnen we aan boord. De overtocht is, op z’n zachts gezegd, nogal onrustig, maar we wennen toch vrij snel aan het duiken en rollen van de boot. Net na 19:00 gaan we in Bodø weer van boord. We rijden een klein stukje noordwaarts, en vinden een prima plek op een camperplaats aan de haven.  

WEER ONDER DE POOLCIRKEL
dag 26 maandag 13 juli 2026
Bodø – Mo i Rana 232 km

Vandaag is een pure verplaatsingsdag. Het heeft te maken met de kustroute, de Fv17. Dat is een schitterende weg die loopt van Namsos tot in de buurt van Bodø. De weg gaat grotendeels langs de kust, en kent 6 veerverbindingen. In 2017 hebben we de hele weg noordwaarts gereden. In 2018 hebben we het gedeelte van Løding (bij Bodø) tot Utskarpen (ter hoogte van Mo i Rana) zuidwaarts gereden. Dit jaar willen we het resterende zuidwaartse deel rijden, van Utskarpen tot Namsos. 

We gaan daarom vandaag over de “80” van Bodø naar Fauske, en nemen daar de E6 tot Mo i Rana. Daar is de laatste acceptabele camping voor we bij de Fv17 zijn. Onderweg gaat de tocht over de Saltfjellet, een ruige hoogvlakte, die zich zeker kan meten met de Zweedse Wildernisroute. Boven op de Saltfjellet passeren we de Poolcirkel. Daar stoppen we voor de lunch. Het is vervolgens nog maar een klein stukje naar de camping in Mo i Rana.

IN DE WOLKEN OP DE Fv17
dag 27 dinsdag 14 juli 2026
Mo i Rana – Tjøtta 131 km

Als we vanochtend uit Mo i Rana vertrekken, schijnt er nog een zonnetje en is het 18°C. Het weer is echter, na nog geen 15 km richting Nesna, helemaal omgeslagen. De lucht zit potdicht met laaghangende bewolking en het is nog maar 12°C. Af en toe raken we bijna het wolkendek en rijden we door een mengvorm van nevel en miezer. (Daardoor kunnen we onderweg geen foto’s maken.)

Bij Nesna sluiten we aan in de wachtrij voor de veerboot naar Levang. Het wachten duurt maar zo’n 30 minuten. De veerboot is nog niet voor de helft bezet. Dat geeft ons het idee, dat het met de drukte in dit gebied wel meevalt.

Weer 30 minuten later zijn we aan de overkant van het Ranfjord. De rij met wachtende voertuigen is er heel veel langer.  Het is hier dus toch veel drukker dan we dachten. Daarom besluiten we om niet al te lang te wachten met het zoeken van een geschikte plek voor de nacht. We laten het bij één ferry vandaag.

Bij Levang zijn we nog steeds op het vasteland. Dat verandert als we met de hoge en slanke Helgelandsbrug oversteken naar het eiland Alsten. We passeren Sandnessjøen en stoppen een stukje voor de veerhaven van Tjøtta bij de camping aldaar. We hebben er een mooi plaatsje aan het water.

TWEE VEERBOTEN VERDER
dag 28 woensdag 15 juli 2026
Tjøtta – Vennesund 84 km

De laatste tijd nemen we minder vaak een rustdag, maar we rijden per dag kortere stukken, zodat we al vroeg in de middag op de bestemming aankomen. Vandaag rijden we 84 km over de Fv17. Daarbij nemen we 2 veerboten: Tjøtta – Forvik (vaartijd = 50 minuten) en Andalsvågen – Horn (vaartijd = 15 minuten). Zouden we ook nog de veerdienst Vennesund – Holm hebben genomen, dan hadden we daarna nog een flink eind moeten rijden tot de eerstvolgende acceptabele plek voor de nacht. Daarom stoppen we vandaag bij de camping pal naast de veerstoep van Vennesund.

Het is vandaag, net als gisteren, een bewolkte dag. Het is, met 11ºC, aan de frisse kant, maar daar kun je je op kleden. Door de laaghangende bewolking zien we maar een deel van de omgeving. 

We komen rond 14:00 aan op de camping van Vennesund en brengen de rest van de middag door met het kijken naar de af- en aanvarende veerboten.

EEN NOORSE HITTEGOLF
dag 29 donderdag 16 juli 2026
Vennesund – Namsos 145 km

Was het gisteren 11°C, vandaag is het 22°C. De korte broek kan weer aan en de luifel weer uit (op de camping). Voor morgen wordt weer “normaal” weer voorspeld: zwaar bewolkt en 13°C. Deze “hittegolf” duurt dus maar 1 dag.

We verlaten vanochtend Vennesund met nog wat sluierbewolking en steken over naar Holm. Al vrij snel verdwijnt de bewolking, op een enkele sliert na.

Ook al blijft het de Fv17, het is niet meer de Helgeland-kustweg, dus de route van vandaag behoort niet tot de 18 Nasjonale turistveger. Toch gaat de weg aanvankelijk door een fraai landschap. Tot Kongsmoen is het bij vlagen indrukwekkend. Voorbij Kongsmoen is het eerder “best wel aardig”.

Tegen 14:00 komen we aan op de camping van Namsos. We waren hier ook in 2018. De rustdag die we hier toen hebben genomen, beviel ons goed. Daarom blijven wij ook morgen hier.

FIETSEN DOOR NAMSOS
dag 30 vrijdag 17 juli 2026
Namsos

We rijden op de fiets naar het centrum van Namsos. Net als acht jaar geleden gaan we naar het winkelcentrum en fietsen we wat langs het water. 

FIETSEN DOOR TRONDHEIM
dag 31 zaterdag 18 juli 2026
Namsos – Trondheim 195 km

Vandaag gaan we naar een camperplaats in Trondheim: over de Fv17 naar Steinkjer en van daar over de E6 verder. Negen jaar geleden waren we al eens in Trondheim. We zijn toen, vanaf een camping zo’n 20 km buiten de stad, met het openbaar vervoer naar Trondheim gegaan, en hebben de stad al lopend verkend. Later bleek, dat we daarbij nauwelijks op de rechteroever van de Nidelva zijn geweest. Die misser maken we vandaag goed. 


Het is niet zo ver van de camperplaats naar het centrum, en er zijn verschillende fietspaden, maar ze vormen geen samenhangend systeem. Vooral bij rotondes is het de vraag, hoe je verder moet rijden (het fietspad buigt naar rechts, wij willen naar links, maar komen daarbij een hek tegen). Uiteindelijk komen we bij de eerste bestemming: de Brygenne, een verzameling  oude houten pakhuizen langs de Nidelva-rivier. We rijden nog een klein stukje verder, naar de Gamle Bybru (Oude Stadsbrug), vanwaar je een mooi uitzicht hebt op de pakhuizen langs de rivier. 

We steken de Nidelva over en rijden door Bakklandet, de buurt op de rechteroever. We vinden er smalle straatjes met relatief oude houten huisjes. 

We zijn niet naar de Kristiansten-vesting gegaan want dat is een hele forse klim. Het hoogteverschil van 130 meter is eigenlijk alleen maar op prettige wijze te overbruggen door gebruik te maken van de Sykkelheis (fietslift, plaats je rechtervoet op een steun, en je wordt helemaal naar boven geduwd), maar deze is tijdelijk niet in gebruik.




We rijden weer terug naar de linkeroever van de rivier en zoeken de Nidaros-kathedraal op.  Dit is een mooi voorbeeld van gotische bouwkunst. De kerk is in gebruik genomen in 1152, en enigszins versoberd tijdens de gedwongen reformatie van 1537 (Noorwegen werd destijds overheerst door Denemarken en de Deense koning kon de bezittingen van de Noorse Katholieke kerk goed gebruiken). We kunnen de kerk vandaag niet van binnen bekijken, want hij zit potdicht.

We fietsen een stukje terug en komen op het Torvet (letterlijke vertaling: vierkant), een grote open ruimte met een obelisk en verder wat nietszeggende bebouwing. We vinden er een Mac voor de maaltijd van vandaag en een supermarkt (die zijn in Noorwegen op zondagen nog allemaal gesloten) voor de maaltijd van morgen.

Hierna fietsen we, via de Vår Frue Kirke, terug naar de camperplaats. Onderweg is het weer een hele onderneming om van het ene fietspad op het andere te komen.

BINNENDOOR ZUIDWAARTS
dag 32 zondag 19 juli 2026
Trondheim – Mittet 267 km

Wil je vanuit Trondheim naar het zuiden rijden, dan liggen 2 routes voor de hand: de E6 naar Oslo en de E39 naar Bergen en Stavanger. Beide routes hebben we al eens gereden. Daarom nemen we vandaag een binnendoortje: klein stukje E39 tot Orkanger, “65” tot Surnadal, “670” tot Kvanne, veerboot van Kvanne naar Rykkjem, “670” tot “70”, “70” tot Sunndalsøra, “62” tot Eidsvåg, “660” tot Mittet.

Tot de veerboot rijden we door een vriendelijk landschap. Na de veerboot rijden we langs de Trollsteinen, en worden de bergen een stuk hoger en veel spitser. We komen zelfs verschillende haarspeldbochten tegen tijdens de klim naar de Vistdalsheia, een pasje op 500 m hoogte (we komen van zeeniveau, dus het is een flinke klim).

We rijden vandaag, met 273 km, een relatief lange etappe. Omdat we op grote delen van de route niet harder mogen dan 60 km/uur, omdat de veerboot bij Kvanne echt net voor onze neus vertrekt en we dus een poos moeten wachten op zijn terugkeer, omdat we onderweg twee cappuccino-pauzes houden, en omdat we pas om 10:30 uit Trondheim wegrijden, komen we pas om 17:15 aan in Mittet. 

We kiezen bewust voor deze camping, want vanaf hier zijn we in een uurtje bij de voet van de Trollstigen, en die willen we morgen in alle vroegte gaan “beklimmen”, als de touringcars met toeristen uit Geiranger nog niet zijn vertrokken.

ALLEEN OP DE WERELD (BIJNA)
dag 33 maandag 20 juli 2026
Mittet – Geiranger 131 km

Veertig jaar geleden, in 1986, waren we al eens op de Trollstigen en in Geiranger (met tent en Peugeotje 205). In 2017 waren we weer in de buurt, nu met de buzz, maar we vonden het toen verstandiger om de Trollstigen te mijden, en in Geiranger was het toen zó druk, dat we verder reden. In 2018 waren we in de buurt, maar kwamen we niet dichter bij Geiranger dan aan het begin van het Geirangerfjord. Trollstigen en Geiranger stonden dus nog op onze to-do-list. Vandaag zijn ze aan de beurt.

De wekker loopt vanochtend om 6 uur af. Tegen 07:30 vertrekken we van de camping in Mittet. Zo’n 30 minuten later zijn we Andelsnes voorbij en beginnen we aan de klim naar de Trollstigen. In het rustige deel komen we niemand tegen. In het deel met de haarspeldbochten hebben we welgeteld twee tegenliggers. We zijn dus toch niet helemaal alleen op de wereld. Het laatste stuk rijden we door wat laaghangende bewolking (die weldra is opgelost).

We komen om 08:30 boven op de parkeerplaats. Niet veel later verschijnen van de andere kant de eerste touringcars. Deze gaan nog niet verder, want de inzittenden moeten eerst nog naar de uitzichtpunten. Wij zijn dus ruim op tijd. 

We dalen kalmpjes af naar Valldal en nemen bij Linge de veerboot naar Eidsdal. We rijden rustig klimmend verder richting Geiranger, waar we met een flink aantal haarspeldbochten snel afdalen naar het fjord. 

Het is inmiddels 10:30, en de eerste drukte is al goed te merken: de parkeerplaats bij het Ørnesvingen, de eerste haarspeldbocht bij Geiranger, is helemaal vol. We kunnen dus niet stoppen om te kijken naar de Zeven Zusters (een bekende waterval aan het Geirangerfjord).

We zijn ruim op tijd om een plaats te bemachtigen op de camping van Geiranger. Morgen houden we hier weer een rustdag.

RUSTDAG
dag 34 dinsdag 21 juli 2026
Geiranger

De rustdag is allerminst rustig. De Costa Diadema vertrekt uit het Geirangerfjord, de MSC Euribia legt aan, de Euribia vertrekt, de Mein Schiff Relax komt binnen. Touringcars rijden af en aan. Er zijn ook reizigers die de camping komen bekijken, en/of de kleine Joker-supermarkt naast de camping vooral komen verlossen van alles wat drinkbaar is. Het lijkt wel, alsof half Mexico is komen shoppen. Het is dus allesbehalve saai.

Ook op de camping zelf is steeds wel iets bijzonders aan de hand. Zo worden de hele korte camperplaatsen vlak achter ons regelmatig ingenomen door mensen met een personenauto die een picknickplek zoeken (de parkeerplaatsen bij de Joker zijn permanent bezet). Het moet gezegd, dat het verschil tussen camping en openbaar terrein niet erg duidelijk is.

EEN EN AL VARIATIE
dag 35 woensdag 22 juli 2026
Geiranger – Nordberg 180 km

We hebben het plan om vanochtend vroeg te vertrekken. We willen naar Dalsnibba. Dat is met 1476 meter het hoogste uitkijkpunt van Noorwegen, met een indrukwekkend uitzicht over Geiranger. We willen daar net als op de Trollstigen de touringcars voor zijn. De bewolking hangt vanochtend echter heel erg laag. Van een indrukwekkend uitzicht kan geen sprake zijn. We wachten dus een tijdje, tot de bewolking in Geiranger wat optrekt. 

Na zo’n 16 km zijn we aan het begin van de tolweg naar Dalsnibba. Onderweg naar boven komen we tot twee conclusies: er zijn nu verschillende touringcars op de weg, en de bewolking die beneden bij de tolpoort opgelost leek te zijn, is er na de tiende haarspeldbocht toch nog wel. Op de parkeerplaats bij het uitzichtpunt zijn we boven het wolkendek gekomen, en we hebben er een “indrukwekkend” uitzicht op dat wolkendek. Het doet ons sterk denken aan 2017, toen we op de Noordkaap waren zonder iets van de Noordkaap te hebben gezien.

We rijden weer naar beneden en vervolgen de reis op de “15” richting Stryn. Onderweg willen we eigenlijk linksaf slaan, de Gamle Strynefjellsveg op, maar we krijgen in een van de tunnels lichtsignalen van tegenliggers. Er is blijkbaar iets niet in orde met de verlichting van de buzz. We stoppen bij de eerstvolgende parkeerplaats en zien daar, dat het linker dimlicht defect is. We komen al snel tot de conclusie, dat dit probleem om meer vraagt dan onze goedbedoelende maar onervaren handen. We rijden daarom door naar de eerste de beste garage, een Toyota-dealer in Stryn. Daar worden, na de lunchpauze van de monteurs, beide dimlichtlampen vervangen (als er één is overleden, dan bestaat de kans dat de andere het binnenkort ook begeeft; beter twee lampen vervangen dan een flinke bekeuring krijgen).

We rijden terug naar de plek waar we aanvankelijk linksaf zouden slaan, en slaan daar rechtsaf, de Gamle Strynefjellsveg op. Dit is de allereerste verbinding tussen Stryn en Otta (aan de E6), nu alleen nog interessant voor toeristen. De enkelstrooks weg, met passeerplaatsen en nog voor een deel met steenslag, loopt door een gebied dat hoge ogen gooit bij de “aan-het-einde-van-de-wereld-verkiezing”.

Aan het einde van de weg, bij Grotli, slaan we rechtsaf richting Otta. Na zo’n 33 km vinden we het tijd om te stoppen bij een camping. Door het koplamp-oponthoud en de daarbij extra gereden 70 kilometers, is het oorspronkelijke plan voor vandaag niet meer haalbaar. Zoiets hoort echter als vanzelf bij het reizen met een camper.

ER KOMT GEEN EINDE AAN HET EINDE
dag 36 donderdag 23 juli 2026
Nordberg – Lærdalsøyri 169 km

Er komt maar geen einde aan de wedstrijd “het einde van de wereld”. Dat zien we vandaag zowel op de Sognefjellet als op de Tindevegen.

We willen vandaag naar Borgund, want daar staat een van de oudste staafkerken van Noorwegen, en die ontbreekt nog in ons portfolio.

We rijden allereerst over de “15” naar Lom. We laten de staafkerk aldaar links liggen, want het is er stervensdruk, en we zijn er in 2017 al op bezoek geweest. We slaan er rechtsaf, de “55” op. Ook dat deden we in 2017, maar toen was het weer vrij beroerd. Nu is het weliswaar overwegend bewolkt, maar het landschap is goed te zien, en de vergezichten zijn helder.

We stoppen boven op de Sognefjellet voor de lunch. Er ligt nog wel sneeuw op de hellingen, maar de gletsjers van 2017 zijn helemaal uit het beeld verdwenen. 

We rijden verder over de fjellet door een steenachtig landschap. Er is zo af en toe wat verkeer, maar de fjellet is toch een serieuze kandidaat voor de “aan-het-einde-van-de-wereld-verkiezing”. 

Tijdens de afdaling, net voorbij Turtagrø, slaan we linksaf, de Tindevegen op. Deze tolweg gaat dwars door de Jotunheimen, een indrukwekkend gebergte. Ook hier is het stenig en verlaten, en daarmee is ook de Tindevegen een serieuze einde-wereld-kandidaat.

Aan het einde van de Tindevegen dalen we af naar Øvre Årdal. Het is al half drie, en we vinden het te laat om nog 75 km door te rijden naar de staafkerk van Borgund. Doen we dat wél, dan komen we daarna waarschijnlijk alleen nog maar volle campings tegen. We zoeken daarom de dichtstbij zijnde acceptabele camping op, die van Lærdalsøyri. Het zou zo maar kunnen, dat we hier morgen, na twee behoorlijk enerverende autodagen, een rustdag houden. De staafkerk van Borgund komt dan overmorgen wel aan de beurt (die loopt na 844 jaar heus niet weg).

RUSTDAG
dag 37 vrijdag 24 juli 2026
Lærdalsøyri

DAN MAAR PLAN C
dag 38 zaterdag 25 juli 2026
Lærdalsøyri – Etnedal 196 km

Volgens het plan (plan B) beginnen we vandaag aan een rondje door Zuidwest Noorwegen: via de Hardangervida en enige panoramische binnenwegen, zoals de “520”, richting Haugesund, via de E39 een klein stukje zuidwaarts, daarna via een paar panoramische binnenwegen, zoals de “450”, weer naar het oosten. Helaas, de weersvoorspellingen voor Zuidwest-Noorwegen zijn voor de komende dagen behoorlijk vochtig. Daarom schakelen we over naar plan C: we gaan oostwaarts. Misschien gaan we weer naar Zuidoost-Zweden en “doen” we een deel van de route die we volgens plan A zouden hebben gevolgd na de terugreis vanuit Finland (via de Áland-eilanden). 

Vandaag rijden we eerst naar de staafkerk van Borgund. De weg voert door een smal dal. Het dal wordt op een gegeven moment zó smal, dat het lijkt alsof er geen uitweg meer is. We rijden recht op een rotswand af. Op het laatste moment maakt de weg echter een bocht en verschijnt er een tunnel.

De staafkerk van Borgund is, zoals ter plaatse blijkt, weliswaar niet de oudste staafkerk van Noorwegen (dat is die van Urnes), maar het is wel de meest originele. Bij de kerk zijn verschillende gidsen actief die meteen in actie komen als je ook maar iets van het kerkje aanraakt.

Vanuit Borgund rijden we verder over de E16 richting Fagernes. Bij Borlaug nemen we de “52” naar Gol. De rit gaat over een fjell (de zoveelste), maar deze onderscheidt zich op bijzondere wijze van al die andere fjells: er staan, midden in het lege landschap, lichtmasten langs de weg.

Volgens het oorspronkelijke plan (plan B) zouden we in Gol rechtsaf gaan voor de rit over de Hardangervida. Wij slaan echter linksaf en nemen de “51”, die door het natuurgebied Valdres gaat, Vlak voor Fagernes nemen we weer de E16 richting Oslo, om iets zuidelijker linksaf te slaan, de “33” op. Aan die weg ligt de camping.

AAN DE MONDING VAN DE GLOMMA
dag 39 zondag 26 juli 2026
Etnedal – Fredrikstad 256 km

Op de weg noordwaarts hebben we van Kongsvinger tot Røros de Glomma gevolgd. Dat is met een lengte van 604 km de langste rivier van Noorwegen. De Glomma mondt uit in het Oslofjord bij Fredrikstad. In die stad hebben we een plekje op een camperplaats, met een mooi uitzicht over de Glomma.

Met 256 km is het, voor onze doen, een vrij lange verplaatsing. We rijden over de “33”, “34” en “4” richting Oslo. Het landschap is heel wat ruimer en vriendelijker dan op de dagen hiervoor. Bij Oslo rijden we via de “161” naar de E6. Die volgen we tot Råde, waar we de “110” nemen naar Fredrikstad. Morgen houden we hier een rustdag.

FIETSEN DOOR FREDRIKSTAD
dag 40 maandag 27 juli 2026
Fredrikstad

Fredrikstad heeft een oud gedeelte (Gamlebyen) dat oorspronkelijk een vesting was. Deze vesting en die in Halden zijn destijds gebouwd ter verdediging tegen de soms wat opdringerige Zweden 

Gamlebyen is te vergelijken met Heusden, maar dan veel kleiner. De stenen gebouwen zijn de voormalige militaire gebouwen, de houten gebouwen zijn recenter, want er is meer dan eens een grote brand geweest (niet zo vreemd bij houten gebouwen en open vuur).

We steken met een veerbootje de Glomma over en fietsen door Gamlebyen en over de vestingwallen. De meeste kazernes staan jammer genoeg in de stijgers en/of zijn min of meer verstopt achter de containers van de aannemer(s). 

In één van de houten gebouwen is een modeltreinbanen-vereniging gevestigd, die er verschillende treinbanen heeft gebouwd. Natuurlijk moeten we (lees Ted) daar even een kijkje nemen. 

Morgen gaan we weer verder. We blijven waarschijnlijk nog één dag in Noorwegen.

LAATSTE STOP IN NOORWEGEN
dag 41 dinsdag 28 juli 2026
Fredrikstad – Halden 40 km

Bij de vesting in Fredrikstad wordt regelmatig gewezen op de vesting in Halden. Bij onze eerdere Scandinavië-reizen zijn we verschillende malen langs Halden gereden, waarbij we een mooi zicht hadden op de vesting, boven op een stevige rots. We wisten, dat er op die rots ook een camping ligt. Redenen genoeg dus, om een en ander eens van dichtbij te gaan bekijken.

Het is maar 40 km naar Halden, en we hebben geen haast. We vertrekken daarom pas om 10:30 uit Fredrikstad. Net na 11:00 zijn we bijna bij de camping, althans, dat denken we. Voor de zoveelste keer worden we door TomTom op een verkeerde route gestuurd. Dit keer komen we op een heel smalle en erg stijle gravelweg, zo stijl, dat net na een krappe haarspeldbocht, waar de snelheid van de buzz vrijwel nihil is, de voorwielen beginnen te slippen. Verder rijden is onmogelijk. Een vriendelijke passant legt uit, dat de gravelweg wel degelijk naar de camping leidt, dus TomTom had eigenlijk wel gelijk toen hij deze route bedacht, maar de route is ongeschikt voor een bak van 3500 kilo met alleen maar voorwielaandrijving. We moeten terug. Gelukkig is er in de laatste haarspeldbocht net genoeg ruimte om achterwaarts de berm in te steken en voorwaarts weer naar beneden te gaan. We rijden op Google Maps via een fatsoenlijke weg verder naar de camping.

Naast de camping ligt het Overberget fort, een van de forten in de omgeving van de vesting. Na de avondmaaltijd lopen we er naar toe. Het is een stevige klim om er te geraken (o.a. traptreden met een optrede van  50 cm). Eenmaal boven blijkt alles gesloten, behalve een terras met wat kanonnen.

We dalen weer af naar de camping en beginnen aan de tocht naar de vesting. Op een wat hoger punt van de route stellen we vast, dat het nog een flink eind lopen is, met een stevige afdaling en daarna een nog steviger klim. We menen, dat een bezoek aan de vesting deze avond geen haalbare kaart meer is. Morgenochtend zullen we eens kijken, of we met de buzz naar de vesting kunnen rijden. 

WEER IN ZWEDEN
dag 42 woensdag 29 juli 2026
Halden – Varberg 279 km

We hebben gespeeld met de gedachte om plan C af te sluiten met het laatste stuk van plan A: via de oostkust van Zweden naar Denemarken, alsof we van Finland terug waren gekomen over de Áland-archipel. Daarvoor hebben we echter niet genoeg tijd. We blijven dus aan de westkant van Zweden en rapen onderweg wat kruimels op die we tijdens de Denemarken-reis van 2025 hebben laten vallen.

We rijden vanochtend eerst met de buzz naar de parkeerplaats van de vesting van Halden, en lopen er wat rond door de vesting. Het is een groot complex, dat nog erg oorspronkelijk overkomt.

We zoeken vervolgens de E6 op en rijden naar het zuiden. Volgens Google Maps is er een hele grote file net ten zuiden van Göteborg (TomTom weet van niets, en waarschuwt dus niet). We kiezen voor een flinke omleiding: meteen na de tunnel onder de Göta älv via de E45 naar het westen en via de Vasterleden, een soort rondweg, weer terug naar Mölndal aan de E6. 

We rijden nog zo’n 60 km verder over de E6, en slaan dan af naar de camperplaats van de Varbergs Flygclubb. We waren daar al eens in 2018.

WEER IN DENEMARKEN
dag 43 donderdag 30 juli 2026
Varberg – Jyllinge 301 km

Tijdens de Denemarken-reis van 2025 hebben we op Sjælland twee plaatsen niet bezocht, omdat we er de bus niet konden parkeren: Køge en Roskilde. Køge hebben we op de heenreis aangedaan, Roskilde doen we op de terugreis.

We vertrekken vanochtend al vrij vroeg uit Varberg. We rijden over de E6 naar de Øresundbrug en -tunnel en aan de Deense kant naar een camping net boven Roskilde. We hebben hier een “reservering onder voorbehoud” (de plaats is behoorlijk scheef, dus als wij dat na bezichtiging bezwaarlijk vinden, vervalt de reservering). De weg naar de camping staat echter helemaal vol met wachtende campers en caravans. Er lijkt geen beweging in die rij te komen. We zien ook heel veel strandgangers passeren. Blijkbaar is het strand bij de camping heel populair. We besluiten om een stukje noordelijker te gaan, naar Jyllinge, waar ze bij de jachthaven een mooie camperplaats hebben. We genieten ’s-avonds van een fraaie zonsondergang boven het Roskilde-fjord.

FIETSEN NAAR ROSKILDE
dag 44 vrijdag 31 juli 2026
Jyllinge

We fietsen vandaag naar Roskilde. We rijden eerst naar de domkerk. Deze is helaas tot 15:00 uur gesloten i.v.m. een begrafenis. We zwerven wat rond door het centrum. Vooral het pleintje voor de dom en het Koninklijk Paleis zijn de moeite waard. Het centrale plein is niet zo historisch, maar het is er wel gezellig. We genieten er van een echte Deense hotdog. 

Het is inmiddels 12:30. We voelen er niets voor, om tot 15:00 te wachten tot de kerk weer open is. We hebben, na het zien van de nodige foto’s, ook geen zin om naar het Vikingbotenmuseum te gaan. We fietsen dus op ons gemak terug naar de camperplaats bij de jachthaven van Jyllinge.

OP FUNEN
dag 45 zaterdag 1 augustus 2026
Jyllinge – Odense 150 km

In 2025 waren we op de camping in Odense. Het regende er destijds voortdurend, dus we hebben de stad niet bezocht. Daarom leggen we er dit jaar wéér aan. 

We vertrekken om 09:30 en rijden via Roskilde en Ringsted naar de E20. Deze weg brengt ons naar de Storebæltbrug. Er is weliswaar nauwelijks vrachtverkeer, maar het is erg druk op de weg. Dat geldt ook op de brug. 

We komen om 13:30 aan bij de camping in Odense. We waren eergisteren nog net op tijd om de laatste vrije camperplek te reserveren. 

Morgen fietsen we naar de stad.

FIETSEN DOOR ODENSE
dag 46 zondag 2 augustus 2026
Odense

We fietsen grotendeels door het park naar het oude deel van Odense. De tocht gaat dwars door de dierentuin. We zien wat kamelen en een waarschuwing om niet over een heel hoog hek te klimmen, want daar lopen tijgers. 

De route brengt ons naar het (vermoedelijke) geboortehuis van H.C. Andersen. Dat ligt in een buurtje dat hoofdzakelijk uit oude huizen en huisjes bestaat. We verkennen de buurt, naar dan begint het te regenen. We schuilen bij de nabij gelegen McDonalds (dat komt goed uit, want we beginnen honger te krijgen en zien nergens een typisch Deens hodog-stalletje). 

Na een tijdje is het weer droog, maar het weer komt nog steeds dreigend over. Daarom fietsen we weer terug naar de camping.

WEER IN DUITSLAND
dag 47 maandag 3 augustus 2026
Odense – Friedrichstadt 219 km

Op dag 2 van deze reis zouden we Friedrichstadt bezoeken, maar we vonden het toen veel te warm. We besloten om door te rijden, met de airco op vol vermogen. We namen ons voor, om Friedrichstadt op de terugweg te bezoeken, en dat doen we vandaag dan ook.

We vertrekken om 09:45. We rijden over de snelweg (E20 en E45) naar Flensburg en slaan net na die stad rechtsaf, de “200” naar Husum. Al meteen merken we, dat we in Duitsland zijn. De leverancier van het bord “straßenschäden” moet goed aan deze weg hebben verdiend. De maximum-snelheid van 70 km/uur is min of meer een grap, want die snelheid is door het slechte wegdek nauwelijks haalbaar. 

We komen net na 13:00 uur aan op de prima camperplaats bij Friedrichstadt. We lunchen en zoeken vervolgens een plaatsje buiten in de schaduw. We luieren maar wat, tot we het om 16:30 tijd vinden om de fietsen van het rek te halen. 

Friedrichstadt is in 1621 gesticht als schakel voor de handel tussen Spanje en Rusland. Daarbij was een belangrijke rol weggelegd voor Nederlandse remonstranten. Dat verklaart, waarom het stadje hier en daar een Hollands beeld vertoont, zoals trapgevels op een rijtje huizen aan de markt, een “Amsterdams” bruggetje over de gracht, Nederlandse teksten op de kerk. 

Friedrichstadt wordt ook wel het Holländerstadtchen genoemd. Je wordt echter teleurgesteld, als je op basis van die titel “Amsterdam in het klein” verwacht. Daarvoor zijn er veel te veel niet-hollandse elementen in het stadje aanwezig.

LAATSTE STOP IN DUITSLAND
dag 48 dinsdag 4 augustus 2026
Friedrichstadt – Westerstede 245 km

We geven er de voorkeur aan, om de files bij de Hamburgse tunnels te vermijden. We gaan dus liever met de Elbfähre tussen Wischhafen en Glückstadt. Het lijkt er echter steeds meer op, dat de Elbfähre qua vertraging gaan wedijveren met Hamburg. Dat komt door de verzanding van de zijtak bij Wischhafen, in combinatie met de lage waterstand in de Elbe (ook bij vloed op de Noordzee). In deze zijtak is geen ruimte voor twee veerboten naast elkaar. Zolang er een veerboot in de zijtak is, moeten de naderende veerboten ergens op de Elbe wachten. Omdat de los-en laadroutine in Gluckstad veel sneller gaat dan in Wischhafen, ontstaat na verloop van tijd de situatie, dat er één veerboot in de Wischhafen-zijtak ligt of langzaam vaart en de de overige drie veerboten op de Elbe liggen te wachten. Dat wachten gebeurt ook midden op de Elbe, maar dat geeft geen problemen, want de rivier is vandaag helemaal leeg. 

De overtocht duurt meer dan 2 uur. Wij moeten in Glückstad ruim een uur wachten, en de vaartijd is, door het wachten op de Elbe, bijna een uur (dat is normaal een kwartiertje).

Het is bijna half drie, als we in Wischhafen aankomen. We lunchen er en doen er nog wat boodschappen. De rit naar de camperplaats in Westerstede (pakweg 140 km) duurt ruim twee en een half uur. Dat komt deels door het inmiddels gebruikelijke slechte wegdek en deels door de wetgeving waardoor een wat zwaardere vrachtwagen in Duitsland op binnenwegen niet harder mag rijden dan 60 km per uur.

We moeten, na de milde temperaturen in Scandinavië, erg wennen aan temperaturen boven de 30°C. Morgen zakt de temperatuur gelukkig weer. Dan rijden we Nederland binnen.

WEER IN NEDERLAND
dag 49 woensdag 5 augustus 2026
Westerstede – Groessen 274 km

Vandaag is een verplaatsingsdag. We rijden van Westerstede naar Groessen via Leer, Winschoten, Veendam, Assen, Zwolle, Apeldoorn en Arnhem. Aan het einde weet TomTom voor de zoveelste keer weer een bijzondere route te bedenken: door allerlei woonerven in Duiven, waarschijnlijk, omdat die een paar meter korter is dan de logische route via de Westsingel in Duiven.

We staan op camperplaats De Wellinghoeve. Morgen fietsen we naar Groessen om Bartek en Marloes te bezoeken in hun nieuwe huis.

RUSTDAG
dag 50 donderdag 6 augustus 2026
Groessen

WEER THUIS
dag 51 vrijdag 7 augustus 2026
Groessen – Tilburg 120 km

We rijden de gebruikelijke weg naar Tilburg: A12, A50, A59, N261. De tellerstand komt uit op 8052 km.